Gijs van Arken

Verhaal van Gijs

“Ondanks dat het mijn beroep is, ik een gecertificeerde schuldhulpverlener ben, zal dit werk nooit routine voor me worden. Daarvoor ben ik, ondanks mijn management-achtergrond, toch teveel een gevoelsmens. Dit werk raakt me diep. Elke keer opnieuw. Al dat verdriet, die onmacht, spanning, stress. Wat schulden hebben met mensen kan doen, hoe sommigen er aan onderdoor dreigen te gaan. Het laat me niet onberoerd. Gaat onder m’n huid zitten.”

Er is zo weinig geregeld voor Zzp’ers met schulden. Ik heb me er in verdiept en me er over verbaasd. Juist omdat deze groep zo kwetsbaar is, zo makkelijk in de problemen kan komen. Zeker nu, met de recessie, waar zij als eerste de klappen van de economische neergang opvangen. Er hoeft maar iets te gebeuren, een opdrachtgever met minder werk, met betalingsproblemen of die failliet dreigt te gaan, en ze komen al op een hellend vlak terecht. Bovendien worden ze in deze tijd ook nog eens door opdrachtgevers tegen elkaar uitgespeeld. Geacht voor steeds lagere bedragen hetzelfde werk doen. Komen zo langzaamaan in een neerwaartse spiraal terecht. Het inkomen wordt steeds wat minder. Tot er op een gegeven moment zelfs geen geld meer is voor bijscholing of een nieuwe computer. Zij hun spaargeld gaan aanspreken. Maar ook dat is eindig. En wat dan?

Wanneer besluit je dat het welletjes is geweest? Het zo niet langer kan? Ondernemers gaan vaak te lang door. Omdat ze optimistisch zijn. Blijven hopen op betere tijden. Op nieuwe kansen en mogelijkheden. Soms tegen beter weten in. En dan staat op een dag opeens de deurwaarder op de stoep en begint een lange lijdensweg.

En dit zijn dan nog maar de ‘gewone’ gevallen. Er zijn ook mensen die worden opgelicht, teveel schulden hebben gemaakt, niet goed op de centjes hebben gelet of privé in de problemen zijn gekomen door ziekte, scheiding en/of dalende huizenprijzen. Veel kleine ondernemers die bij ons aankloppen zijn alles kwijt. Hun inkomen, spaargeld, alles. Ze kunnen geen kant meer op. Voor een particulier is het al geen pretje door een schuldhulpverleningstraject te gaan, maar als Zzp’er ben je helemaal de pineut.

De informatie voor deze groep is summier. Organisaties waar deze groep voor hulp kan aankloppen zijn versnipperd. Ze worden van het kastje naar de muur gestuurd. Beleven teleurstelling op teleurstelling. Bovenop alle ellende waar ze al doorheen zijn gegaan. En uiteindelijk staan ze met lege handen. Vinden geen hulp. Worden niet geholpen.

Deze verontrustende constatering was voor mij de drijfveer om samen met Peter van Bergen Over Rood te beginnen. We hebben ons vooraf goed georiënteerd. Zijn zelfs naar Bangladesh afgereisd. Hebben gekeken hoe het microkrediet daar functioneerde. Hoe ze dat aanpakten. De compacte centrale organisatie die lokale vestigingen faciliteert. De lokale vestiging die haar klanten alle vrijheid geeft om zelf, in onderling overleg, hun eigen zaakjes te regelen. Vooral die zelfredzaamheid sprak ons aan. Omdat mensen die elkaars problemen oplossen, zoveel sterker staan, zoveel gemotiveerder zijn. Zoveel meer kans hebben om te slagen.

Op dezelfde manier konden we Zzp’ers met schulden helpen. Konden deze mensen elkaar helpen. Van oorsprong ben ik bedrijfskundige. Was jarenlang procesmanager. De structuur van zo’n organisatie opzetten was een kolfje naar m’n hand. Daarnaast vind ik het prettig op de achtergrond te opereren. Anderen te faciliteren. Hen helpen in hun kracht te komen. Te zien schitteren. Bovendien help ik graag mensen die het even tegen zit. Die een steuntje in de rug nodig hebben om weer verder te kunnen. Bij Over Rood kwam alles bij elkaar. Viel alles op z’n plek. Daarom is over Rood is helemaal mijn ding.’

Peter van Bergen

Verhaal van Peter

‘Ik ben altijd ondernemer geweest. Was verantwoordelijk voor IT en financiën bij het bedrijf dat ik mede oprichtte. Toen ik daar vertrok, en even met mijn tijd geen raad wist, zag ik in de bibliotheek een briefje waarop het Rode Kruis vrijwilligers zocht. Ik help graag anderen. Vind dat je mensen die in de problemen zijn gekomen te hulp moet komen. Omdat zoiets ons allemaal kan overkomen. Na een korte cursus stond ik al snel op de stoep van mijn eerste probleemgeval.’

Wat ik daar aantrof, heeft me diep geraakt. Zal ik nooit meer vergeten. Een bange, schichtige en ontredderde man. Iemand die al lang niet meer buiten was geweest. Zichzelf had opgesloten in z’n huis. De gordijnen gesloten hield. En zeven jaar ongeopende post had verzameld. Maar hij was niet het enige schrijnende geval waar ik die eerste tijd mee te maken kreeg.

Ik besefte dat mijn financiële kennis lang niet voldoende was om deze mensen te helpen. Ontdekte dat mensen met schulden ook vaak sociale en psychische problemen hebben. Dat schulden en verslaving veel met elkaar gemeen hebben. De kans op herhaling dus groot is. Daarom begreep ik niet waarom de meeste schuldhulpverleners de schuldenaren alle zorg uit handen nemen. Zo leren ze niet van hun fouten. Kan het een volgende keer weer gebeuren.

Ik zag in de media steeds vaker berichten over mensen met financiële problemen. Of ik was er nu meer op gespitst, dat kan natuurlijk ook. Vooral onder Zzp’ers was er veel leed. Mensen die onder de armoedegrens leefden. De controle over hun leven waren verloren. Maar die, in tegenstelling tot particulieren, door geen enkele instantie geholpen werden.
Op een congres hoorde ik de econoom en nobelprijswinnaar Muhammed Yunus spreken. De grote man achter het microkrediet. Hij vertelde hoe hij met Grameen Bank een commerciële aanpak combineerde met sociale en maatschappelijke relevantie. Hoe deze twee uitersten, die elkaar ogenschijnlijk uitsluiten, elkaar kunnen versterken. Ik reisde met een collega van Het Rode Kuis naar Bangladesh. We spraken met medewerkers van de bank. Gingen de provincie in, naar afgelegen dorpjes. Praatten daar met vrouwen die microkrediet ontvingen, die met dat geld bedrijfjes hadden opgezet. En kwamen erachter waarom microkrediet zo’n succes was.

Over alles was goed nagedacht. Tot de kleinste details. Het netwerk van de bank was fijnmazig. Strekte zich uit tot de verste uithoeken van het land. Maar wat vooral bijzonder was, was dat deze vrouwen zelf verantwoordelijk waren voor de krediettoekenning. In onderling overleg kansen en mogelijkheden bespraken, en collectief beslisten wie er voor krediet in aanmerking kwam. En de bank faciliteerde slechts.

Onze ideeën waren bevestigd. Zzp’ers met financiële problemen kunnen elkaar helpen. De wijsheid van de groep gebruiken om elkaars problemen op te lossen. Wij moesten een organisatie opzetten die dit faciliteert. Die zorgt voor het proces, draaiboeken, programma’s, coaches en locaties. Op de terugvlucht schreef ik de definitieve versie van het plan voor de franchiseorganisatie die de naam ‘Over Rood’ zou krijgen. En mijn reisgenoot deed mee, werd mijn partner in dit avontuur.

We moesten echter nog één hindernis nemen: bijna iedereen vindt het vervelend z’n administratie bij te houden Terwijl dat juist cruciaal is om inzicht te hebben in je financiële situatie. Om de juiste beslissingen te kunnen nemen. Bovendien kijkt elk boekhoudprogramma achteruit, doet verslag van de afgelopen tijd. Geen enkel programma kijkt vooruit, kan budgetteren. Waar we ook zochten, nergens vonden we een programma waarmee Zzp’ers een financiële planning kunnen maken en tegelijk hun administratie kunnen bijhouden. Dus schreef ik het zelf. Een simpel en intuïtief programma. Waar iedereen mee kan en wil werken. En bij de Grameen Bank in Bangladesh konden ze het voor ons bouwen. Over Rood was geboren.’

Search
Generic filters