Het verhaal van Arie

Vandaag was een topdag. Een dag om nooit meer te vergeten. Lees het verhaal van Arie. 

Op bezoek

Het is nu bijna twee jaar geleden. Ik bel aan. Geen idee wat me te wachten staat. Een man doet nerveus de deur open. Neemt mijn jas aan. Er staat iets te eten op tafel. Ik weet dat hij dat niet kan betalen. Als ik het opeet zal hij de volgende keer weer van alles kopen. Laat ik het staan dan heeft hij zijn laatste geld voor niets uit gegeven…
De kast gaat open. Vuilniszakken vol post puilen uit de kast. Arie wil aan de slag, zijn rommel opruimen. Als vrijwilliger van het Rode Kruis is dit een van mijn belangrijkste taken. Oude post opruimen. Zorgen voor een paar netjes geordende ordners met de administratie. En een goed budget.
We beginnen met de eerste enveloppen. Reclame en mededelingen direct in de vuilnisbak. De data op de post baren me zorgen. Sommige zijn wel tien jaar oud. Arie helpt mee. Onhandig en hyperactief. Samen zitten we op de grond. We ploegen ons door stapels post. Na drie uur stop ik er mee voor vandaag. De kast met oude post zit dan nog bomvol.

Diep

In de maanden die volgen wordt me langzaam maar zeker duidelijk hoe diep Arie in de problemen zit. Hij is depressief. Ziet geen toekomstperspectief. Toen hij nog werk had is hij allerlei verplichtingen aangegaan. De verkopers van DSB, Aegon, de creditcardbedrijven en verzekeraars vonden in hem in mooie klant. Tot het mis ging. Toen hij ging scheiden en wat later zijn baan verloor. De rekeningen stapelden zich op. De werkloosheidsverzekering bleek een arbeidsongeschiktheidsverzekering. Alle polissen, papieren, aanmaningen en bevelen van deurwaarders vormen met elkaar een ondoorgrondelijk obstakel. Arie had geen idee wat hij moest doen. Stak zijn kop maar in het zand.

Hulp

Uiteindelijk kwam er hulp. De ene na de andere hulpverlener probeerde hem te helpen. Elke paar maanden iemand anders. Huursubsidie en zorgtoeslag werden aangevraagd. Het NOAG werd ingeschakeld. Maar het was niet genoeg. De afhankelijkheid, uitzichtloosheid en vooral het niet snappen van het hoe en waarom van al die brieven hadden een enorme weerslag. Hij werd depressief. Verloor het vertrouwen. In zichzelf. In zijn omgeving. En tenslotte in de samenleving.
Als ik op bezoek kom maakt hij de huiskamer schoon. Loopt heen en weer, wipt zenuwachtig op en neer. Soms hyperactief. Soms apathisch. Post maakt hij alleen open als ik er ben. De flat is niet schoon. Hij komt vaak pas ‘s middags zijn bed uit.
We bespreken elke keer opnieuw zijn toekomst. Wat ga je straks doen als je je financiën weer op orde hebt? ´Ik weet het niet…´. ´Mijn leven is kapot…´. ´Mij overkomt de ene na de andere tegenslag…´.
Langzaam maar zeker krijgen we wat voor elkaar. Hij krijgt vertrouwen. Ziet dat ik niet de hulpverlener ben die over een paar weken weer vervangen wordt. We maken afspraken met elkaar. Meestal houdt hij zich er aan. Hij doet enorm zijn best. Het schuldhulptraject wordt vanuit de gemeente opgestart. Arie krijgt een taalcursus. En met veel pijn en moeite krijgen we het voor elkaar dat hij kan verhuizen naar een andere flat.

Naar buiten

Nu hij niet meer in de zelfde flat als zijn treiterende schoonfamilie woont, durft hij weer naar buiten. Door het schuldhulptraject stoppen de brieven van deurwaarders en incassobureaus. Langzaam maar zeker krijgt Arie weer wat zelfvertrouwen.
De taalcursus is ver onder de maat. Er wordt geen rekening gehouden met de verschillende taalniveaus. De leerlingen krijgen een boek en daar moeten ze het mee doen. Een klacht bij de gemeente over de kwaliteit van de cursus wordt niet beantwoord. Wel ontvangt Arie een factuur wegens hoog verzuim. Aangezien hij tijdens het schuldhulptraject geen nieuwe schulden mag maken is dat een groot probleem. Gelukkig kiest de gemeente er na een pittige discussie voor de boete in te trekken.

Familie

De oma van Arie oma ligt op sterven. Arie wordt door zijn familie naar Turkije gehaald. Twee weken later is hij weer terug. Het contact met zijn familie heeft hem goed gedaan. Hij is vrolijk. Zit rustig op zijn stoel. Verteld op zijn gemak zijn verhaal. Samenhangend en duidelijk. Een wereld van verschil. Helaas gaat het de weken erna weer langzaam terug naar het oude niveau.
Door alle gesprekken die we voeren, door steeds weer stil te staan bij de keuzes die hij heeft, door vooraf te bespreken wat er van hem verwacht wordt, wat schuldsanering inhoud, wat sollicitatieplicht betekent en door er telkens te zijn als hij me nodig heeft; door dit alles doorbreekt hij langzaam zijn patroon. Gaat hij inzien dat hij keuzes heeft. Dat het leven, althans voor een deel, maakbaar is. En dat hij zelf aan de slag moet om weer iets van te maken.

Toekomst

De gesprekken over zijn toekomst, werk, familie etc. duren steeds langer. We bespreken of hij in Nederland wil blijven of terug wil. De voor en nadelen van beide opties. Het is dan zomer. Door vakantie, drukte, en het gevoel dat hij het wel even alleen af kan, zie ik hem zes weken niet. Dan krijg ik een mailtje van schuldhulp. Arie moet voor het kantongerecht verschijnen vanwege zijn aanvraag WSNP. Ik bel hem, mail hem, en ga uiteindelijk thuis bij hem langs. De buren vertellen me dat hij al meer dan een week niet thuis is geweest. De brievenbus puilt uit van de post. Wat nu? Het is vrijdag. De zitting is maandagochtend. Niet verschijnen betekend onherroepelijk een afwijzing. Met een schuld van ruim een halve ton, een bijstandsuitkering en een mislukt minnelijk traject zijn er dan geen alternatieven meer. We zijn nu anderhalf jaar bezig. Dit is geen optie.
Ik besluit contact op te nemen met de rechtbank. De griffier adviseert een brief te schrijven aan de rechter en deze te bezorgen bij de rechtbank. Zondagavond gaat de telefoon. Arie. Hij was bij familie in Amsterdam. Wist van de zitting. Hij zal er zijn. We spreken af om 10.45. De zitting is om 11.00.

De zitting

10.55. Arie is nergens te bekennen. Ik bel hem.
A: ‘Ik ben onderweg, mijn fiets had een lekke band. Nu moest ik met de bus.’
P: ‘Je fiets heeft al een half jaar een lekke band. Ben je al in de bus?’
A: ‘Nee, ik sta bij de halte de bus komt zo.’
11.10 Niemand. 11.20. De griffier komt langs en laat weten dat de voorgaande rechtszaak flink uitloopt. Maar waarom heeft de gedaagde zich nog niet gemeld, vraagt de griffier. Is hij er wel? Oef, dit kost punten. 11.30 De griffier roept me binnen. 11.32. Arie komt aangerend en we lopen naar binnen.
R: ‘U wilt dus toegelaten worden door de WSNP?’
A: ‘Dat denk ik.’
R: ‘U weet wat er van u verwacht wordt?’
A: ‘Ja.’
R: ‘Kunt u aangeven wat er van u verwacht wordt?’
A: ‘Ik weet niet…’
R: ‘Wij twijfelen. U was te laat. We begrepen ook dat u vorige week niet bereikbaar was. Dat is niet toelaatbaar als u in een WSNP-traject zit. Wat was er aan de hand?’
A: ‘Hmm… Bij familie… Ik weet niet…’.
R: ‘Als u in de WSNP zit, verwachten wij dat u actief solliciteert. Wilt u werken?’
A: ‘Ik weet niet…’

En zo gaat het nog even door. Ik probeer te helpen. Leg de vragen uit. Geef aan wat er van hem verwacht wordt. Maar Arie zit met zijn hoofd op een andere planeet. Zijn taalniveau is zeven niveaus lager dan normaal. Ik snap er niets van.
Aan het eind van de zitting neem ik het woord: ‘Edelachtbare, ik ben net als u verbijsterd over deze zitting. Ik heb geen idee wat er aan de hand is, maar Arie is totaal zichzelf niet. Ik help hem al meer dan een jaar. Kan normaal gesproken prima met hem communiceren. De afspraken die ik met hem maak komt hij vrijwel altijd na. Het is soms lastig maar hij doet altijd zijn best. Hij is intelligent en wil niets liever dan zijn probleem oplossen. Het punt van de sollicitatieplicht hebben we van te voren uitgebreid besproken. Arie geeft telkens aan graag aan het werk te willen maar niet te weten hoe. Ik zal er alles aan doen Arie te helpen om aan zijn verplichtingen te voldoen en ben er van overtuigd dat het hem zal lukken.’ De rechter bedankt me (enigszins tot mijn verbazing) oprecht voor mijn pleidooi. We verlaten de rechtbank. Als dat maar goed gat. Zonder de WSNP zie ik geen enkel perspectief. En het vereist een moedige rechter om in deze situatie de WSNP aan te durven.

De brieven

Buiten vraag ik Arie wat er in hemelsnaam aan de hand is. Met horten en stoten komt het verhaal. De deurwaarders en incassobureaus hadden door een misverstand opnieuw procedures opgestart. Arie ontving weer de ene na de andere brief. Werd radeloos. Wist niet wat hij moest doen. Werd angstig, trillerig, moedeloos, depressief, terneergeslagen en uitgeteld.
Ik schrik van de impact die deze brieven nog steeds op hem hebben. Arie heeft nu al zeven jaar deurwaarders achter hem aan. Geld dat op zijn bankrekening gestort wordt haalt hij er altijd de zelfde dag nog af. Bang voor beslag. Regelmatig checkt hij zijn deur. Bang voor een aankondiging openbare verkoop door de deurwaarder en de vernedering die dat me zich meebrengt. Je buren die door je huis lopen om te zien welke spullen ze willen kopen. De advertentie in de krant… Het is wel duidelijk dat Arie aan dit alles een enorm trauma heeft overgehouden.
Een week later komt er geweldig nieuws. Arie is toegelaten tot de WSNP! Ik vrees dat mijn heldenstatus nu compleet is. ‘Dankuwel, dankuwel, dankuwel hoor…’.

Bezoek

De bewindvoerder komt op bezoek. Hij heeft opdracht extra aandacht aan deze case te besteden vanwege de twijfels van de rechter. Arie moet direct beginnen met solliciteren en zijn sollicitaties en afwijzingen maandelijks rapporteren. Dit wordt een probleem. Mijn hulp is inmiddels inefficiënt geworden. Ik heb een druk leven en houd ervan efficiënt met mijn tijd om te gaan. Arie ziet bijna nooit iemand en wil graag zijn verhaal kwijt. Een kop thee drinken. Even iemand om zich heen. Bovendien kom ik als hulpverlener. Vanuit deze positie kan ik hem niet verder helpen. En zijn sollicitatiebrieven schrijven gaat mij te ver. We nemen contact op met maatschappelijk werk. Arie wordt opgeroepen voor een intake. Zes weken later vind het eerste gesprek plaats. Arie wordt doorverwezen naar het activeringsteam.

OverRood

Inmiddels hebben we bij OverRood een pilot draaien waarin we ondernemers met financiële problemen in groepsvorm faciliteren bij het oplossen hiervan. In ruil voor onze hulp vragen we hen andere ondernemers te helpen. Veel van de principes en ideeën in de groep zijn gebaseerd op de ervaringen met Arie. Ook de software die is ontwikkeld, is bedacht met hem in het achterhoofd: het moet zo eenvoudig zijn dat Arie er zijn administratie mee kan doen en – belangrijker – zijn budget en papieren altijd en overal bij de hand heeft.
Ik bespreek met de groep wat ze ervan vinden om Arie mee te laten draaien. Ze gaan het experiment aan. Het begin gaat moeizaam. De groep helpt hem met zijn sollicitaties. Met vallen en opstaan gaan de eerste mailtjes de deur uit. Arie zoekt zijn weg in de groep en andersom. Na een aantal weken biedt een groepsgenoot aan hem samen met iemand anders een taalcursus te geven. Als betaling helpt hij haar met het archiveren en het schoonmaken van haar huis. Arie komt elke week naar de groep. Slaat geen week over. Komt altijd op tijd. Hij heeft er zichtbaar lol in. Het feit dat hij altijd terecht kan met zijn vragen en altijd geholpen wordt geeft hem een gevoel van rust en vertrouwen.

Een held

Arie heeft een afspraak met zijn werkcoach gehad. Ze hebben zijn mogelijkheden besproken. Hij wordt uitgenodigd voor een re-integratie-monitor en moet over een paar weken weer naar zijn werkcoach. Inmiddels houdt hij zijn afspraken keurig bij. In de moskee ontmoet hij iemand die misschien een baantje voor hem heeft in Amsterdam. In de groep bespreken we wat te doen. Dan gebeurt er iets wat ik nooit voor mogelijk had gehouden. Arie neemt het woord. Hij zegt: ‘Ik ga dit nu niet met mijn werkcoach bespreken. Ik wil taxichauffeur worden. Daarom moet ik zorgen dat ik over vijf maanden goed Nederlands spreek. En ik moet zorgen dat ik van mijn werkcoach een opleiding tot taxichauffeur krijg. Ik heb hier goed over nagedacht en taxichauffeur vind ik een mooi beroep. Daar ga ik voor. Als ik nu met mijn werkcoach bespreek dat ik eventueel een baantje in Amsterdam kan krijgen, loop ik het risico dat ze me geen taxiopleiding meer wil geven. Dus dat doe ik niet.’
Ik val van mijn stoel. In drie maanden is het de groep gelukt wat mij in anderhalf jaar tijd niet gelukt is en wat me in mijn eentje ook nooit gelukt was. Arie heeft een plan. Ziet perspectief. Denkt strategisch na over zijn keuzes en mogelijkheden. Hier kan geen geld tegenop. Een mooiere beloning voor mijn inspanning had hij me niet kunnen geven. Wat een topdag. Dit is echt een dag om nooit meer te vergeten. Vanaf vandaag is Arie voor mij een held!

Het verhaal van Lisa

‘Hoe kon ik zo goed van vertrouwen zijn? Hoe kon het gebeuren dat een oplichter mij zo kon inpalmen, jarenlang ongestoord z’n gang kon gaan, me helemaal leeg kon zuigen? En toen de alarmbellen rinkelden was het te laat. Was ik mijn bloeiende bedrijf kwijt. Moest ik haastig afscheid nemen van mijn medewerkers en freelancers. Hals over kop de huur opzeggen van het pand waar ik vijf jaar lang in gevestigd was geweest. Ik bleek geen cent meer te bezitten. Alleen nog schulden te hebben. Er was zelfs beslag op m’n woning gelegd. Lees het verhaal van Lisa.

Goed in mijn vak

Ik ben goed in mijn vak, al zeg ik het zelf. Dacht dat ik ook een goede ondernemer was. Had tenslotte in korte tijd een flink bedrijf uit de grond gestampt. Haalde grote opdrachten binnen van gerenommeerde bedrijven en instellingen. Mijn klanten waren tevreden. Betaalden op tijd. Alles liep op rolletjes. Ik werkte dag en nacht. Had dus geen tijd voor de financiën. Maar dat hoefde ook niet, want die had ik keurig uitbesteed. Eerst aan mijn ex, en nadat we uit elkaar waren gegaan, aan die aardige adviseur, die ons ook zo prettig had geadviseerd bij de scheiding. Die man had echt verstand van geld. Vond het leuk met cijfertjes bezig te zijn. Ik had er geen omkijken naar. We werden partners. En zouden dat jaren blijven.

De controle over de zaak kwijt

Tot de zaak klapte. Ik er achter kwam dat ik geen eigenaar meer was van mijn eigen bedrijf. Alleen nog maar schulden bleek te bezitten. Fikse schulden. Ik ben hard bezig die periode van negatieve energie achter me te laten. De tijd van verloren rechtszaken, vechten tegen de bierkaai en overal nul op het rekest. Mijn voormalige partner was slim te werk gegaan. Dat moet ik hem nageven.

Bij Over Rood ben ik nu druk doende orde in de chaos te brengen. Mijn financiële situatie inzichtelijk te krijgen. Ben met m’n schuldeisers in gesprek gegaan. Gelukkig sta je er bij Over Rood niet alleen voor. Ik heb een groepje ondernemers dat achter me staat. Mensen die net als ik in financiële problemen zijn gekomen. Iedereen heeft een ander verhaal, maar al die verhalen eindigen op dezelfde manier. Dat schept een band. De groep wordt begeleid door een coach. Een ervaringsdeskundige. Een ondernemer die weet hoe het voelt om in de schulden te zitten, maar ook hoe je eruit kunt komen.

Iedereen heeft andere talenten

In het groepje zijn we onder elkaar. Spiegelen we elkaar. Helpen we elkaar. Ons groepje is divers. Iedereen is anders. Heeft andere talenten, kennis en kunde. Met elkaar weet je veel en kun je veel. Samen kom je tot slimme en onverwachte oplossingen. Door deze aanpak los je niet alleen elkaars problemen op maar krijg je ook je zelfvertrouwen terug. Ontdek je weer waar je goed in was. Kom je weer in je kracht. Ga je er weer tegenaan. Zover ben ik nog niet, maar dat is wel mijn voorland. En ik kijk er naar uit.

Nooit zal ik me meer afzijdig houden van de financiën. Heb mijn lesje geleerd. Ben mijn naïviteit voorgoed verloren. Hopelijk niet m’n vertrouwen in mensen. Het enthousiasme en de gedrevenheid die ik vroeger zo overvloedig had. Want dat zijn de dingen die in de kern bij me horen. Waardoor ik zo snel zo groot kon worden. En die ik straks weer hard nodig nog heb om opnieuw succes te hebben.’

De burn-out waarin ik door alle spanningen terecht kwam, ben ik inmiddels te boven. Ik kan en mag weer werken. Nu is het zaak in rustiger vaarwater te komen. Tot een goede schuldenregeling te komen. En daarna de draad van mijn leven weer op te pakken.

Het verhaal van Marja

‘M’n toekomst was nog maar kort geleden ongewis. Het heden knap ingewikkeld. Ik wist niet meer hoe het verder moest. En één ding was duidelijk: naar het verleden wilde ik niet meer terug. Ik was gespannen. Kon niet meer helder denken’. Lees het verhaal van Marja.

Opdrachtgever failliet. En dan?

Jarenlang was ik tot grote tevredenheid van mijn opdrachtgevers werkzaam geweest in een niche van de dienstverlening aan het MKB. Eerst in loondienst en later als ZZP’er. Een wereldje waarin ik een goede reputatie had (en nog steeds heb). Maar een paar jaar geleden ging het mis. Een organisatie waarbij ik me had aangesloten ging failliet. Even later vielen twee grote opdrachtgevers weg. Het vakgebied, waar ik me tot dan toe als een vis in het water had gevoeld, kon me steeds minder bekoren. Ik liet het werk sloffen. Ging niet meer achter nieuwe opdrachten aan. Deed nog slechts de dingen die me op een presenteerblaadje werden aangeboden. Ik wilde nadenken. Over m’n leven. Wat ik daarmee wilde. Waar ik energie van kreeg. Waar ik gelukkig van werd.

Carrièreswitch

Ging uiteindelijk een opleiding tot coach volgen. Omdat ik dacht dat ik met mijn levenservaring een goede helper zou zijn. Een opleidingstest bevestigde mijn vermoeden en ik besloot de opleiding te gaan doen. Ik werd gegrepen door deze opleiding. Het veranderde mijn kijk op de wereld. En wel zo ingrijpend, dat ik me er maar moeilijk toe kon zetten mijn vertrouwde bezigheden voort te zetten. Mijn oude vakgebied stond zo haaks op alles waar ik in deze opleiding mee in aanraking kwam. De wereld die voor mij open ging.

Minder inkomsten

Voor ik er erg in had, had ik steeds minder inkomsten en liepen de schulden snel op. Ik schaamde me, durfde geen hulp te zoeken, stoppen met m’n bedrijf was geen optie en terug in loondienst wilde ik niet. Zo schoof ik een beslissing maar voor me uit. Tot de realiteit zich bruut opdrong. Ik geconfronteerd werd met intimiderende incassobureaus. Zoveel schulden had verzameld, dat ik in aanmerking kwam voor de voedselbank.

Nieuwe vaardigheden

In het begeleidingstraject van Over Rood word ik gespiegeld door andere ondernemers. Ontdek ik m’n dode hoek. Besef ik dat ik mijn oorspronkelijke vak alle aandacht moet geven. Daar nieuwe klanten moet werven. Mijn nieuwe werkzaamheden niet ten koste van de oude mogen gaan. Ik m’n vroegere bezigheden moet zien te integreren in mijn nieuwe coaching-praktijk. Maar voor het zo ver is, moet ik nog een aantal stappen zetten. Tijdens het schrijven van de teksten voor mijn nieuwe website kwam ik er achter dat ik nog onvoldoende weet wie m’n toekomstige coaching-klanten zullen zijn. En vooral hoe en waar ik ze kan vinden.

Heft in eigen handen

Het heden is inmiddels weer wat helderder voor me geworden. Ik sta weer wat zelfbewuster in het leven. Heb de rollen omgedraaid. Het initiatief naar me toegetrokken. Ben in onderhandeling gegaan met mijn schuldeisers. Een regeling voorgesteld waar zij gelukkig mee akkoord zijn gegaan. Het betekent dat mijn acute problemen nu onder controle zijn. Ik weet hoe ik er voor sta. Ondertussen heb geleerd hoe ik m’n financiën moet bijhouden. De discipline die daarvoor vereist is. Dat een boekhouding niet voldoende is. Je ook privé je zaken op orde moet hebben. Ben zelfs zover dat ik daar nu andere deelnemers mee kan helpen.

En dan vooruit!

Ik durf weer voorzichtig vooruit te kijken. Aan morgen te denken. Het moment dat ik met het nieuwe programma begin. De fijne kneepjes van het ondernemerschap leer. Ontdek hoe ik zowel een succesvolle ondernemer als een invoelende coach kan worden. Hoe ik hoofd en hart met elkaar kan combineren. Daar verheug ik me op.’

Het verhaal van Jannie

Jannie is kapster. Eerst knipte ze aan huis en haalde daarmee een inkomen dat net genoeg was om van te leven. Toen kreeg ze een mooie kans. Ze kon een kapsalon huren voor een heel redelijk bedrag. Ze maakte een website, foldertjes en plaatste advertenties in huis-aan-huis bladen. Als snel had ze een kleine groep vaste klanten. Ze verdiende haar kosten terug en hield een paar honderd euro over. Maar niet genoeg om van te leven. Jannie kreeg schulden. Nog geen hoge bedragen maar genoeg om zich zorgen te maken. Lees het verhaal van Jannie.

Omzet te laag – over een maand is al het geld op

Ze meldde zich bij Over Rood. Nadat de financiële situatie was geïnventariseerd ging ze aan de slag met haar marketing. In de groepen en de gesprekken met de financieel specialist werd al snel duidelijk dat Jannie een aantal goed werkende marketinginstrumenten had ontwikkeld maar deze niet meer in durfde te zetten. Aan de ene kant omdat ze bang was het geld niet snel genoeg terug te verdienen. Aan de andere kant omdat ze bang was dat ze met haar kortingsacties bestaande klanten tegen het hoofd zou stoten of tegen het lage kortingstarief zou moeten blijven knippen.

Gelukkig geen bijstand!

Door de gesprekken kreeg Jannie al snel meer vertrouwen. Ze bedacht een goed verhaal voor haar bestaande klanten en waagde het er op. Twee maanden later was haar omzet verdubbeld. Jannie verdient nu genoeg geld om er van rond te komen. Het blijft nog sappelen af en toe maar haar bedrijf kan open blijven en Jannie hoeft niet de bijstand in.

Het verhaal van Elif

Soms kan het heel snel gaan. Elif Budak kwam als onbeschreven blad bij ons binnen. Vijf maanden later startte ze haar eigen rijschool. Ze vertelt: “Ik had niks, wist absoluut niet waar ik aan toe was. Ik vind het heel bijzonder dat de juiste mensen om me heen mij in korte tijd zo ver hebben kunnen brengen”. Lees het verhaal van Elif. 

Groen als gras

Eerder dat jaar raakte zij haar baan als ambtenaar bij de sociale dienst kwijt. Een slimme zet was dat zij toen vroeg om een betaald opleidingstraject. Het idee om haar eigen rijschool te hebben kriebelde al een tijdje. Zo gezegd zo gedaan. Als een voorbeeldige student doorliep Elif de opleiding. Maar toen ze haar papieren binnen had stapelden de vragen zich op. Want, hoe kom je tegenwoordig ergens aan de bak zonder werkervaring? En daarbij, wat moest zij eigenlijk allemaal weten als startende ondernemer? Hoe doe je je boekhouding? Welke auto zou ze aanschaffen? Hoe moest zij haar zaken belastingtechnisch op orde krijgen? Elif had eigenlijk geen idee. Ze had het gevoel dat ze er alleen voor stond en dat wilde ze niet. Ze had iemand nodig die haar zou steunen, vooral in de beginfase. Gelukkig wist haar zus van de startersbegeleiding van Morgen en stimuleerde haar om contact op te nemen.

Het doel

Elif is vrij verlegen en voorzichtig van aard. Eigenschappen waar de meeste rijinstructeurs af en toe wel wat meer van zouden kunnen gebruiken. Dit maakt haar echter niet minder doortastend. Ze wist vanaf het begin heel goed wat haar doel was. Haar doel was Rijschool Elif. Ze wist alleen nog niet hoe ze daar moest komen. Op advies van haar zus meldde ze zich aan. “Om de twee weken liet ik aan mijn begeleider zien hoe ver ik was. Hoe ver ik was met het uitkiezen van een auto, met het ontwikkelen van een lespakket. Ik kon dan bellen of langskomen. Op eigen initiatief en naar eigen invulling. Het is een heel fijn gevoel dat ze er op ieder moment voor me zijn”.

En nu?

Elif komt verrassend zelfverzekerd uit de hoek wanneer haar gevraagd wordt hoe zij zichzelf over een jaar ziet. Zonder aarzeling zegt ze: “Dan ben ik nog steeds een succesvolle ondernemer.” Toch denkt ze dat ze Morgen niet zomaar aan de kant zou schuiven. Ze woont nog regelmatig een training bij. “Ik ben nog steeds aan het leren en dus aan het groeien, dat doet me goed. Het is fijn om iemand achter de hand te hebben die me begeleidt. Maar het is zeker dat ik nu steviger in mijn schoenen sta!” Een dappere vrouw, die Elif.

Het verhaal van Rob

Rob was al meer dan 10 jaar ondernemer. De administratie was niet zijn sterkste punt: al jaren een puinhoop. In 2009 kreeg hij een controle van de belastingdienst. Het vernietigende rapport zorgde er helaas niet voor dat hij het beter ging aanpakken. Lees het verhaal van Rob.

Herseninfarct

Dan slaat het noodlot toe. Rob krijgt een herseninfarct. Hij overleeft het, maar is blijvend gehandicapt. Hij is niet meer in staat te werken. Gelukkig krijgt hij een pre-pensioen. Dat is echter niet genoeg om alle kosten te kunnen betalen. Bovendien blijkt dat hij tienduizenden euro’s aan schulden heeft opgebouwd in de afgelopen jaren. De administratie is een puinhoop. Vanaf 2010 zijn er geen jaarrekeningen meer gemaakt. De deurwaarders staan op de stoep en leggen beslag op alles wat er is. Rob kan zijn huur niet meer betalen en schakelt familie en vrienden in voor hulp. Rob meldt zich bij de gemeente. De gemeente laat weten dat ze niets voor Rob kunnen betekenen. Een schuldhulptraject is niet mogelijk vanwege het ontbreken van de jaarrekening – en daarmee een compleet schuldenoverzicht – ze laten de familie weten dat alleen Over Rood en maatschappelijk werk wellicht nog iets kunnen betekenen., Maatschappelijk werk geeft aan dat de casus veel te complex is en verwijst door naar Over Rood. Een bevriende accountant die eerst bereid leek de zaak op te lossen haakt bij het zien van de puinhoop af.

Ten einde raad

Ten einde raad melden familie en vrienden van Rob zich bij Over Rood. Ik stel de familie gerust en geef aan dat Over Rood bereid is de familie te helpen als ze bereid zijn onder onze begeleiding het uitvoerende werk te doen voor het maken van de jaarrekening. Tegelijk maak ik me zorgen. Zelfs als alle facturen en bankafschriften correct geboekt zijn zal het ca. 1000 euro kosten om de jaarrekeningen op te stellen en de aangiftes IB te maken. Rob kan dit bedrag zelf nooit betalen aangezien beslag is gelegd op al zijn inkomen boven de bijstandsnorm.

Ik vraag de familie bijzondere bijstand aan te vragen voor de kosten van de jaarrekening. Het is een bijzondere situatie waar overduidelijk sprake is van betalingsonmacht voor noodzakelijke kosten. De bijstandsaanvraag wordt afgewezen wegens het ontbreken van de benodigde financiële informatie en een te hoog inkomen. Het beslag doet daar niets aan af.

De discussie

Omdat ik niet kan accepteren dat in mijn land mensen die zo in problemen terechtkomen niet geholpen kunnen worden en op straat belanden ben ik bereid dat bedrag zelf te betalen. Ik besluit echter eerst de discussie aan te gaan met de gemeente. Ik bel een ambtenaar bij de gemeente die ik heb leren kennen als iemand die een genuanceerde afweging kan maken en ook goed uit kan leggen waarom iets wel of niet kan. Ik bel hem en vertel dat ik ons land niet meer begrijp. Hoe kan het gebeuren dat we miljoenen euro’s uitgeven aan een viaduct waar eekhoorntjes over kunnen steken zodat hun leefgebied wordt vergroot (iets waar ik overigens een voorstander van ben) terwijl we onze eigen inwoners voor een bedrag van 1000 euro na het krijgen van een herseninfarct op straat laten belanden.

Te complex

De ambtenaar kan dat ook niet uitleggen. Hij is bijna even boos als ik en belooft me de casus intern te bespreken en terug te bellen. Twee dagen later belt hij terug. “De bijstand is geregeld. En, by the way, er was een soortgelijke casus waarin de bijstand ook was afgekeurd. Dat besluit is ook direct teruggedraaid.” De ambtenaar geeft aan dat de ambtenaren die deze aanvragen moeten beoordelen niet de expertise hebben om een genuanceerd oordeel te kunnen vormen. Het ontbreekt ze eenvoudig aan expertise om de beschikbare cijfers te analyseren en te toetsen aan de wet en regelgeving. Kortom het is te complex voor ze.

Behoefte aan meer kennis bij gemeente

Hij vraagt me in voorkomende gevallen na het indienen van de aanvraag direct contact met hem op te nemen zodat hij kan zorgen dat er met de juiste kennis naar de casus gekeken wordt.

Het verhaal van Marco

Marco was een CNC operator. Een mooi vak. Maar helaas ging het niet goed met het bedrijf waar hij werkte. Hij werd ontslagen. Dit was hét moment om zijn eigen bedrijf te beginnen. Marco maakte al snel een redelijke winst. In 2012 begon de omzet terug te lopen. Hij kon zijn rekeningen niet meer betalen. Marco gaf zijn bedrijf op en ging op zoek naar een baan. Als uitzendkracht verdiende hij minder dan bijstandsniveau. De schulden liepen op. Over 6 weken staat hij op straat….Lees het verhaal van Marco.

Uitkering aangevraagd

Marco meldde zich bij de Sociale dienst. Hij vroeg een uitkering aan en wendde zich tot schuldhulpverlening. Schuldhulpverlening kon Marco niet helpen. Omdat de jaarrekening van 2012 nog niet gemaakt was, was de belastingschuld onduidelijk. Pas als alle schulden vast stonden kon het traject worden opgestart. Daarvoor moest dan wel de belastingaangifte zijn gedaan. Marco zat vast want geld voor een boekhouder had hij niet.

Bijstand werd afgewezen

Er kwam nog meer slecht nieuws. De bijstandsuitkering werd afgewezen. Vanwege het ontbreken van de jaarrekening kon niet worden vastgesteld hoeveel Marco verdiend had en hoeveel vermogen hij had. Daarom kreeg hij geen uitkering. Ook een tweede aanvraag en bezwaar ertegen werd afgewezen omdat er cijfers van het bedrijf ontbraken. De ene ingewikkelde brief na de andere plofte ondertussen op zijn deurmat. Beslagleggingen, dwangbevelen etc. Marco was ten einde raad en dacht maar 1 ding: Ik moet geld verdienen. Hij pakte elk baantje wat hij krijgen kon. Werkte dag en nacht. Maar het hielp niet. Het geld dat hij verdiende betaalde hij aan de meest agressieve deurwaarders. Ondertussen liep zijn huurachterstand op. De schuldhulpverlening kon niets doen omdat er geen vast inkomen was.

Dreigende huisuitzetting

Marco meldde zich ten einde raad bij het bureau huisuitzetting. Inmiddels dreigde hij met zijn gezin en al op straat te worden gezet. Aangezien het om een ondernemer ging en er niet voldoende inkomsten waren om de lopende huur te betalen kon zelfs het bureau huisuitzetting niet veel doen. Marco werd doorverwezen naar Over Rood.

Samen met Over Rood weer de draad opgepakt

In het gesprek dat ik met Marco had proefde ik de angst en frustratie. Bang dat ook wij hem niet wilden helpen deed hij omzichtig zijn verhaal. Ik merkte dat hij zich totaal niet kon concentreren en moest alles steeds blijven herhalen. Hij zat totaal stuk. Een intelligente man die totaal gebroken was en die het systeem waarin hij terecht was gekomen totaal niet snapte. Ik vertelde Marco wat hij moest doen en wat wij van hem verwachtten. Hij vroeg me waarom we hem hielpen. “Omdat ik niet kan accepteren dat in Nederland, mijn land, mensen op straat worden gezet vanwege het ontbreken van een stukje papier”. Marco keek me aan en barstte in huilen uit. “Ik kan me niet veel van dit gesprek herinneren, maar deze opmerking zal ik nooit meer vergeten”, zei hij.

Marco voerde zijn administratie in in een boekhoudsysteem. Daarna maakte Over Rood een jaarrekening voor hem zodat hij een bijstandsuitkering aan kon vragen. Alles bij elkaar zijn we daar 4 uur mee bezig geweest. Inmiddels is de uitkering toegewezen en kan Marco met zijn gezin de draad weer oppakken.

Dit is helaas geen uitzondering…

Ik vind het nog steeds ongelooflijk dat het je in Nederland kan gebeuren dat je je dagelijks bestaan kwijtraakt omdat je eenvoudig weg niet in staat bent alle jaarrekeningen van een bedrijf dat niet meer bestaat aan te leveren. Helaas blijkt dit regelmatig voor te komen. Deze casus is voor Over Rood inmiddels geen uitzondering meer.

Het verhaal van Bas

‘Ik verenig twee talenten in me, talenten waarvan de meeste mensen vinden dat ze elkaar uitsluiten: creativiteit en techniek. Ik ontwerp websites en gebruik m’n technische kennis om zo’n site slim op te zetten en soepel te laten functioneren. Ik werk graag direct samen met m’n opdrachtgevers. In co- creatie komen we met elkaar tot de meest onverwachte oplossingen. Omdat niemand beter dan een opdrachtgever natuurlijk weet hoe hij z’n klanten moet benaderen. En wat hij hen wil vertellen. Ik bedenk vervolgens hoe je die informatie het beste kunt vertalen naar een bijzonder ontwerp en een logische functionaliteit’. Lees het verhaal van Bas.

Als ZZP’er alle ruimte

Al voor mijn studie aan de HKU (Hogeschool voor de Kunsten Utrecht) begon ik spelenderwijs met websites bouwen. Zocht een opleiding waar ik mijn twee talenten kon samenbrengen. Dat werd Interaction-design. Nadat ik was afgestudeerd heb ik eerst een aantal jaren bij een gerenommeerd bureau gewerkt. Maar daar kon ik maar één van m’n talenten inzetten. Dat vond ik uiteindelijk niet bevredigend. Dus toen ik voor mezelf begon, gaf ik zowel de ontwerper als de techneut in mij weer alle ruimte.

Ieder zijn specialisme

Zo’n werkproces is prettig en bevredigend. Voor beide partijen. Er zit geen ruis op de lijn. Waardoor je keer op keer tot bijzondere resultaten komt. Tot compleet andere oplossingen dan wanneer je op de meer traditionele manier de zaken aanpakt. Wanneer je dus met meerdere partijen samenwerkt. Iedereen keurig z’n eigen specialisme heeft. En de klant op afstand staat. Zo heb ik een paar jaar gewerkt, veel geleerd, maar wat ik nu doe is zoveel leuker. Geeft zoveel meer energie.

Laag uurtarief

Mijn uurtarief is altijd lager geweest dan van de grote, gevestigde bureaus. Maar dat waren mijn kosten toen ook. Veel had ik, toen ik voor mezelf begon, niet nodig. Een computer en een kamer voldeden. Zo is het jaren gegaan. Mijn klanten waren meestal kleine bedrijfjes. Vaak creatieve start-ups en pioniers die uit mijn eigen netwerk voortkwamen.

Kindje op komst

Maar sinds kort zijn de omstandigheden drastisch veranderd. Ben ik gaan samenwonen. Is er een kindje op komst. Wil ik niet meer vanuit huis werken. En wil ik vooral de zaken professioneler aanpakken. Heb een bijzondere ruimte gevonden. Op een unieke locatie. Een verzamelgebouw aan het water waar meerdere creatieve bedrijven binnenkort onderdak vinden. Eerst zitten we nog in containers, maar over een paar jaar is het echte gebouw gereed. Zodra ik niet meer van huis uit werk, wordt alles een stuk serieuzer. Wil ik me breder oriënteren. Ook Apps gaan bouwen. En wat andere klanten gaan aantrekken. Maar hoe vind je die? En is het mogelijk ook straks met hen in co-creatie te werken? Het zijn een paar van de vragen waar ik mee zit. Maar mijn belangrijkste hang-up is dat mijn vaste kosten nu gaan stijgen. Elke maand de huur kunnen opbrengen en een inkomen verdienen. Dat vergt een andere aanpak. Meer discipline. Meer duidelijkheid. Meer structuur. Meer ondernemerschap.

Uit de problemen blijven

De dienstverlening hier is flexibel, zodat ik altijd mijn specifieke vragen kan inbrengen. Ik heb nooit financiële problemen gehad. En die wil ik dankzij dit programma ook straks dus niet hebben. Ik wil vanaf het begin goed financieel inzicht hebben. Precies weten wat mijn mogelijkheden zijn. Me niet door onverwachte situaties laten overvallen. Ik wil naast een goede ontwerper en slimme techneut, ook een succesvol ondernemer worden. Ook die kant in mezelf gaan ontwikkelen. Niet twee, maar drie tegenstrijdige zaken met elkaar verenigen.’

Bert Rorije

Verhaal van Bert

“Ik help ondernemers, bedrijven en start-ups om scherp aan de wind te varen. Alles uit zichzelf en de organisatie te halen. Te focussen, duidelijke keuzes te maken, niet te kijken naar wat anderen doen, wat hoort, of gebruikelijk is, maar hun eigen weg te kiezen. De eigen droom na te jagen. Om dat goed te kunnen moet ik buitenstaander blijven. Weliswaar betrokken zijn, maar tegelijkertijd afstand houden.”

Organisaties met een maatschappelijke missie hebben mijn voorkeur. Omdat ik ervan overtuigd ben dat money- en meaning-bedrijven en social business-organisaties, oftewel bedrijven die kapitalistische principes paren aan maatschappelijke relevantie, de toekomst hebben. Omdat bij non-profit organisaties idealisme vaak samengaat met vrijblijvendheid en commerciële bedrijven vooral gefocust zijn op aandeelhouderswaarde en/of winstmaximalisatie. Terwijl de samenleving juist baat heeft bij daadkracht, genoeg heeft van mensen en organisaties die alleen maar bezig zijn met zichzelf en/of zo veel mogelijk geld verdienen.

Tussen alle start-ups en organisaties die ik mag helpen, heeft Over Rood een speciaal plekje. Omdat de oprichters bij de ontwikkeling de moed hadden alle conventies overboord te gooien. De uiterste consequentie uit hun droom te trekken. Alles ondergeschikt te maken aan dat wat hen voor ogen stond: het helpen van zoveel mogelijk Zzp’ers met financiële problemen.

Maar ik heb ook iets speciaals met Over Rood omdat ik in mijn directe nabijheid veel leed zie. Getalenteerde mensen, zielsverwanten, gerespecteerde collega’s, die het in deze economisch barre tijden niet redden. Door calculerende en opportunistische opdrachtgevers tegen elkaar worden uitgespeeld.Waardoor ze eerst hun zelfvertrouwen verliezen, en uiteindelijk alles. Tot en met hun huis en spaarcentjes aan toe. Ik zie hoe kwetsbaar deze groep is. Deze hardwerkende professionals die voor anderen de klappen van een haperende economie opvangen, en als ze in de problemen komen door niemand geholpen worden. Ik zie hoe gepassioneerd deze mensen met hun vak bezig zijn, hoe gedreven ze voor hun opdrachtgevers in de weer zijn, zelfs zo dat ze hun eigenbelang uit het oog dreigen te verliezen. Het voelde daarom als een voorrecht Over Rood te helpen deze groep te hulp te komen.

Bovendien was de manier waarop de oprichters van Over Rood de Zzp’ers wilden helpen, de zelfredzaamheid die de kern van de aanpak zou worden, in lijn met waar ik zelf voor sta. De manier waarop ik ondernemers coach, begeleid en spiegel; workshops geef, studenten op de KABK (koninklijke Academie van Beeldende Kunsten) aanmoedig om alles uit zichzelf te halen: de overeenkomsten zijn zo groot.

Net als de oprichters van Over Rood, geloof ook ik in de kracht van de groep. Mensen die er voor elkaar zijn, elkaar helpen, energie geven, over en weer spiegelen; al die opgetelde kennis, kunde en talenten die wordt ingezet om problemen op te lossen en stappen te zetten; de rol van een goede coach in zo’n proces, iemand die voor de veiligheid in de groep zorgt, de juiste vragen stelt, een ieder uitdaagt en enthousiasmeert.

Net als de oprichters, kon ook ik veel van mezelf kwijt in Over Rood. We hebben tijdens de ontwikkeling veel met elkaar gespard, van elkaar geleerd, zijn net zolang doorgegaan tot de uitgangspunten van Over Rood helder waren. Scherp en concreet.

Over Rood was dus niet alleen het kindje van twee opdrachtgevers, maar ook een heel klein beetje van mij. Nooit was ik zo weinig buitenstaander. Bewaarde ik zo weinig afstand. Kon ik zoveel van mezelf kwijt. Over Rood is nu bijna klaar. Niet meer van ons. Alleen nog van Zzp’ers met schulden. Van ondernemers die elkaar helpen om hun problemen te boven te komen, weer in hun kracht te komen, een nieuw toekomstperspectief te krijgen, weer te kunnen dromen, gelukkig te worden.’

Gijs van Arken

Verhaal van Gijs

“Ondanks dat het mijn beroep is, ik een gecertificeerde schuldhulpverlener ben, zal dit werk nooit routine voor me worden. Daarvoor ben ik, ondanks mijn management-achtergrond, toch teveel een gevoelsmens. Dit werk raakt me diep. Elke keer opnieuw. Al dat verdriet, die onmacht, spanning, stress. Wat schulden hebben met mensen kan doen, hoe sommigen er aan onderdoor dreigen te gaan. Het laat me niet onberoerd. Gaat onder m’n huid zitten.”

Er is zo weinig geregeld voor Zzp’ers met schulden. Ik heb me er in verdiept en me er over verbaasd. Juist omdat deze groep zo kwetsbaar is, zo makkelijk in de problemen kan komen. Zeker nu, met de recessie, waar zij als eerste de klappen van de economische neergang opvangen. Er hoeft maar iets te gebeuren, een opdrachtgever met minder werk, met betalingsproblemen of die failliet dreigt te gaan, en ze komen al op een hellend vlak terecht. Bovendien worden ze in deze tijd ook nog eens door opdrachtgevers tegen elkaar uitgespeeld. Geacht voor steeds lagere bedragen hetzelfde werk doen. Komen zo langzaamaan in een neerwaartse spiraal terecht. Het inkomen wordt steeds wat minder. Tot er op een gegeven moment zelfs geen geld meer is voor bijscholing of een nieuwe computer. Zij hun spaargeld gaan aanspreken. Maar ook dat is eindig. En wat dan?

Wanneer besluit je dat het welletjes is geweest? Het zo niet langer kan? Ondernemers gaan vaak te lang door. Omdat ze optimistisch zijn. Blijven hopen op betere tijden. Op nieuwe kansen en mogelijkheden. Soms tegen beter weten in. En dan staat op een dag opeens de deurwaarder op de stoep en begint een lange lijdensweg.

En dit zijn dan nog maar de ‘gewone’ gevallen. Er zijn ook mensen die worden opgelicht, teveel schulden hebben gemaakt, niet goed op de centjes hebben gelet of privé in de problemen zijn gekomen door ziekte, scheiding en/of dalende huizenprijzen. Veel kleine ondernemers die bij ons aankloppen zijn alles kwijt. Hun inkomen, spaargeld, alles. Ze kunnen geen kant meer op. Voor een particulier is het al geen pretje door een schuldhulpverleningstraject te gaan, maar als Zzp’er ben je helemaal de pineut.

De informatie voor deze groep is summier. Organisaties waar deze groep voor hulp kan aankloppen zijn versnipperd. Ze worden van het kastje naar de muur gestuurd. Beleven teleurstelling op teleurstelling. Bovenop alle ellende waar ze al doorheen zijn gegaan. En uiteindelijk staan ze met lege handen. Vinden geen hulp. Worden niet geholpen.

Deze verontrustende constatering was voor mij de drijfveer om samen met Peter van Bergen Over Rood te beginnen. We hebben ons vooraf goed georiënteerd. Zijn zelfs naar Bangladesh afgereisd. Hebben gekeken hoe het microkrediet daar functioneerde. Hoe ze dat aanpakten. De compacte centrale organisatie die lokale vestigingen faciliteert. De lokale vestiging die haar klanten alle vrijheid geeft om zelf, in onderling overleg, hun eigen zaakjes te regelen. Vooral die zelfredzaamheid sprak ons aan. Omdat mensen die elkaars problemen oplossen, zoveel sterker staan, zoveel gemotiveerder zijn. Zoveel meer kans hebben om te slagen.

Op dezelfde manier konden we Zzp’ers met schulden helpen. Konden deze mensen elkaar helpen. Van oorsprong ben ik bedrijfskundige. Was jarenlang procesmanager. De structuur van zo’n organisatie opzetten was een kolfje naar m’n hand. Daarnaast vind ik het prettig op de achtergrond te opereren. Anderen te faciliteren. Hen helpen in hun kracht te komen. Te zien schitteren. Bovendien help ik graag mensen die het even tegen zit. Die een steuntje in de rug nodig hebben om weer verder te kunnen. Bij Over Rood kwam alles bij elkaar. Viel alles op z’n plek. Daarom is over Rood is helemaal mijn ding.’